t Was waarm! t Was schier! Dichters in de Prinsentuin 2026 vierde de taal op prachtige wijze. Ook dit jaar presenteerde Erfgoed in Groningen een Gronings/Nedersaksisch programma: Zomor Wat Ommaans.
Fieke Gosselaar, streektaalconsulent van Erfgoed in Groningen, introduceerde dichters die de cursus ‘Gronings voor schrievers als nieuwe streektaalspreker’ hebben afgerond.
Thoestoal
Hannan van Rooij las in het Nederlands en Gronings over ‘eerappels, alpacawol en de laifde’. Irene Wiersma klonk zomaar als een ‘native speaker’. Zij was druk bezig geweest met schrijven en vertalen (we dachten deze week na over ‘doetjestoe’ als vertaling voor ‘kus je’ en dat klinkt toch alderhemelst?). Zij sloot af met het gedicht Thoestoal: ‘Ik vertroag in de toal / Mag ik t thoes noemen / as t in de herinners/in mien geschreven zinnen / nait sproken wordt?’
Plattduuts
Bernd Gruenefeld van het Oldenburgische Landschaft las de vertaling in het Plattduuts en je hoort dezelfde klanken terug: Darff ik dat ‘Tohuus’ nömen / wenn dat in de Besinnen / in mien schreven Sätzen / nicht sproken warrt? Christian Quaing uit Meppen las een gedicht voor in het Duits en had de Platt Kurs vanuit het Landschaft gevolgd, zodat hij net als de anderen voor het eerst in de streektaal voorlas. Alle dichters kregen dubbel applaus nu zij in het centrum van de stad dapper over de taaldrempel zijn gestapt.
WAARK
Theatergroep WAARK sloot af met de poëtische eenakter ‘Op n baankje ien de moan’, over een ontmoeting van twee vrouwen die elk hun eigen redenen hebben om ’s nachts rond te dwalen.
Foto’s: Kim van Steenwijk



















